vrijdag 8 juni 2012

Laatste rustplaats Hofstraat (fotoverslag)

Vandaag was het weer Beelden bij de Thee. Reint Wobbes vertelde voor de pauze (en in de pauze) over begraven, kerkhoven en begraafplaatsen in Groningen. Het werd een toch langs praalgraven, symboliek en gedichten. Het tweede deel van de middag was, tussen de buien door op de begraafplaats van de Hofstraat in Winschoten. Bert Smit vertelde over het project Kerken in het Groen, waar de opknapbeurt van de begraafplaats deel van uit maakt. De Hofstraat is de eerste begraafplaats na het sluiten van het kerkhof rond de Marktpleinkerk (1825).

Een kort fotoverslag
Toelichting bij het opgraven en opgraven van het graf van Eisso Post, de eerste burgemeester van Winschoten

Passende tekst in het Oldambt!

Het is wel duidelijk dat het project niet voor niets is


Maar de familie Mellema heeft het niet nodig

Bomen en stenen vergroeien met elkaar

Het paradijs volgens de familie Post






Gedichtjes op de achterkant van de stenen

woensdag 9 mei 2012

Hulde aan de jubilaris

Enige tijd geleden kregen we twee foto's toegestuurd, een familieportret en een groepsfoto. De foto's zijn gekocht op een rommelmarkt in een Rotterdamse kerk. De foto's zijn genomen in Groningen en Winschoten. Daarom kregen we ze toegestuurd. Meer dan dit, en dat er ook een collectie van dominee Oberman te koop was op de rommelmarkt, konden de kopers ons niet vertellen.

De familie Oberman, bekenden van de kopers, herkenden de mensen op de foto's niet. Wie goed kijkt, ziet gelijkenis tussen de vader op de ene foto en de man op de preekstoel op de andere. Mogelijk gaat het dus om dezelfde man. En dan begint de speurtocht.


De mensen aan wie ik de foto tot nu toe heb laten zien herkennen het kerkgebouw noch de mensen. Het enige aanknopingspunt dat we nu nog hebben is de tekst op de preekstoel: Hulde aan de jubilaris 1872-191.. Voor het laatste getal hangt net een slinger. Er moet een predikant zijn geweest in de regio rond Winschoten die een 40 of 45-jarig jubileum had in 1912 0f 1917. Een kort onderzoekje in de historische krantenbank van de Koninklijke bibliotheek levert geen naam op.Wel kwam het voor dat een dergelijk jubileum de kranten haalde. Dit jubileum niet, of in ieder geval niet de kranten die de KB beschikbaar stelt. Op de Beeldbank Groningen staan meer dan 1000 foto's van kerkinterieurs, maar geen daarvan lijkt op het gebouw dat wij zoeken.

Het blijft een zoektocht. We zouden heel graag willen weten om welke kerk en welke predikant het gaat. Heeft u een idee? Stuur een mailtje naar chcoldambt@gmail.com



Wij wachten af......

vrijdag 4 mei 2012

De oorlog door kinderogen

Beelden bij de thee over de Tweede Wereldoorlog. Aan tafel zitten twee mannen die de oorlog als kind hebben meegemaakt. Ik stel hen vragen over allerlei onderwerpen uit de oorlog. Uit hun herinneringen en die uit de zaal spreekt voor een deel de onbevangenheid van jonge kinderen. Er waren onderduikers en ze wisten gewoon dat ze er niet over moesten praten. Een bom sloeg een krater en toen die gevuld raakte met water, kon je daar mooi in vissen. Er waren kinderen van NSB-ers, maar ja, daar speelde je wel gewoon mee. Ook na de oorlog, toen de ouders opgepakt waren. Kleding was schaars, schoenen waren dat ook, maar verder was er in het Oldambt genoeg.

Er zitten verhalen bij die ik nog niet eerder gehoord had. Dat je in de hongerwinter een aantal pakjes naar het Westen mocht sturen met voedsel. Beperkt en gecontroleerd, maar het kon en het werd gedaan. Dat vissers wel betaald werden voor hun vis, maar hun vangst niet mochten verkopen. De vissen werden zó overboord gegooid. We vragen ons af waar dát dan goed voor was.

Ik vertel het verhaal van mijn vader, die naar Siddeburen ging met zijn zus en broer om aan de Haagse hongerwinter te ontsnappen. Mijn grootouders woonden midden in het centrum van Den Haag. Zij konden niets verbouwen of regelen. De kinderen waren buiten de stad beter af. Mijn vader was niet de enige. Veel mensen hadden een kind van anderen in huis om aan te sterken. Ik vraag me af hoe ze het ervaren. Ze zullen wel heimwee gehad hebben, maar ja, zo ging dat gewoon. 
Mijn vader op de foto met zijn ouders, zus en broertjes voor het 12,5 jarig huwelijksfeest  van mijn opa en oma.

Iemand vertelt over de razzia in zijn straat in Groningen. Een jonge soldaat komt binnen. Zijn moeder is misschien bang en zegt tegen haar zoontje dat hij de soldaat maar moet rondleiden. (Ik verstijf als ik het hoor) En dan klinkt de onbevangenheid weer. De soldaat had een geweer, haalde het bed af, voelde in de kasten. Hij vond niets, hoefde de zolder uiteindelijk niet te zien en vertrok. Dat was het. Het is een zin die ik vaker hoor: 'Zo was dat gewoon'. 


En na de oorlog viel in veel gezinnen de stilte. Je sprak er niet over. Die nare tijd, daar wilde je niet aan terug denken. Een moeder wilde nooit praten over de oorlog. Ze werkt in het ziekenhuis in Groningen. Ongeveer 40 jaar na de oorlog vertelt ze pas hoe het was geweest om toe te zien dat kinderen of zieken werden weggehaald en niets te kunnen doen. Te erg om over te praten.

Het is een middag waarin we veel verhalen horen van mensen die normaal bij Beelden bij de thee komen om te luisteren. Het is bijzonder om op deze wijze de doden te herdenken. 

vrijdag 27 april 2012

Praten over de oorlog - verhalen bij de thee

"Zolang er nog iemand is die kan vertellen wat er is gebeurd, is het hele volk gered" Meneer Hommes herinnerde mij vanavond aan dit Joodse gezegde. Hij vertelde mij over de telefoon zijn herinneringen over de Blauwe Schuit in Winschoten. Het is zijn verantwoordelijkheid, vindt hij, om te blijven vertellen wat hij zich herinnert van de oorlog. Dan gaat er niemand verloren.

Beelden bij de thee valt dit jaar op 4 mei. Daarom praten we over de oorlog met mensen die zich die tijd nog goed kunnen herinneren. Ik ben benieuwd naar het dagelijks leven. Uit de verhalen die in tot nu toe heb gehoord, maak ik op dat je het best op een grote boerderij kunt wonen in de oorlog. Je kunt je eigen voedsel verbouwen en je heb veel om te ruilen. In plaats van geld, krijg je suiker voor de suikerbieten. Die suiker ruil je weer voor alle andere dingen die je nodig hebt. Je kunt ook het best aan de grens gaan wonen. Traditioneel viel er veel te smokkelen, in de oorlog natuurlijk nog meer.



Ik ben benieuwd naar de verhalen. Ik zal twee mannen interviewen en de zaal vragen naar hun herinneringen of de verhalen van hun ouders, om een beeld te krijgen van de dagelijkse dingen tijdens de oorlog.
Wat als je je persoonskaart vergat, of kwijtraakte?
Hoe lang stond je in de rij bij de distributie?
Hoe kwam je aan nieuwe kleren?
En hoe is het als ineens kinderen uit de klas niet meer komen?
En voelde je je in de gaten gehouden?
Dat soort vragen. 


donderdag 19 april 2012

Fotoboek van gemeente Scheemda

In 1932 nam de burgemeester van gemeente Scheemda afscheid. Hij was 65 jaar geworden. Bij de gelegenheid kreeg hij een album aangeboden. Hij sloot een carrière afZijn kleinzoon, ook een Eisso Braak, had het album in de kast liggen. Het is voor hem tijd geworden om op te ruimen, vond hij. Het album mocht naar ons, met nog andere documenten. Gistermorgen kwamen hij en zijn vrouw langs met een krat vol spullen.

Het album met het logo van de voormalige gemeente Scheemda.

Zo krijg je het niet meer tegenwoordig, wat een verrassing toen ik dit zag!

In het album staan foto's van alle dorpen in de toenmalige gemeente.



Van de scholen, de kerken en andere openbare gelegenheden. Wonderlijk genoeg ook van de woonhuizen van de wethouders en het hogere gemeentepersoneel. De voormalige gemeente Scheemda (tot 1989) was niet erg zuinig op oude foto's. De collectie is zeer beperkt. Dat is nu een beetje goed gemaakt. We hebben nu bijvoorbeeld een foto van de burgemeesterskamer, de raadszaal en de secretarie van de jaren dertig.

Naast dit album kregen we nog een leporelloboekje van Winschoten, een album met krantenknipsels van de burgemeester en een doos vol glasnegatieven. De zoon van de burgemeester, de vader dus van de Eisso die de spullen kwam afgeven, was een gepassioneerd fotograaf.

En dan nog dit: printing on demand in 1916.

"Kl. heeft gauw even een ansicht voor jou afgedrukt dan kon je het zien"
Een ochtend schatgraven aan het begin van mijn CHC-werkweek. Dat wil ik iedere week wel.

vrijdag 6 april 2012

Fotoverslag Kruijermiddag

Het begin van de middag: de beelden en de thee.

Eén van de mooiste ontwerpen van Kruijer, één van mijn favorieten.

De details in de Dr. D. Bosstraat. Op de achtergrond de voormalige bibliotheek, niet van Kruijer, maar wel mooi.

Uitleggen wat de kenmerken zijn van het werk van de Oost Groninger Bouwmaatschappij. Kruijer was de direkteur.


Het huis dat de muziekleraar Proverbio liet bouwen. Hoekig, maar heel licht. 

Het huis van de familie Salomons. Op het glas van het kleine venster boven in de gevel staat een  Hebreeuws teken.  Even navragen wat het bekekent.

Klein voorbeeld van bijpassend straatmeubilair. Op de achtergrond het enige huis van Kruijer en Visker dat rietgedekt is.

Het was koud, het regende niet (of nauwelijks), maar het is toch lente!

Het huis van Visker. 

Foto's: R. Rosendahl

maandag 2 april 2012

Epko Vroom, kluizenaar?

Een tijd geleden bracht iemand een grote verzameling foto's om te laten scannen. Nu dat allemaal is gebeurd, is het tijd om de foto's weer terug te geven. We zitten aan tafel in het Cultuurhistorisch Centrum. Alle foto's komen nog even door mijn handen. Gelukkig maar, want ineens komen er toch nog weer extra namen. En herinneringen. Eén van die herinneringen gaan over Epko Vroom, die in een huisje woonde in het veld bij Nieuw Beerta.

Stroom en water zal het huisje niet gehad hebben en Epko woonde er alleen. De kinderen, die graag in de velden speelden, vonden hem een beetje eng. Een lot dat meer alleen wonende 'zonderlingen' wel hadden. Ze hadden een liedje op Epko:
Vroom gait mit stoom
Gait mit musiek
over de diek.

De diek was dan de dijk waarop ook Drieborg ligt. De twee kaarten kreeg ik ook, samen met de foto van het huisje van Epko. Schuin links boven de naam Nieuw Beerta ligt het huisje van Epko.  De kaart is uit 1902. Er stond toen kennelijk nog een huis, dat in de jeugd van mijn verteller als verdwenen was. 

Afgezonderd van het dorp, vrij in het land. Een uitzicht en een stilte die intussen schaars is geworden in Nederland. In de polders van het Oldambt kun je het nog horen: de stilte en kun je de horizon nog zien. Het is elke keer weer een feestje.